ALMERE - Een 19-jarige man uit Almere is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot tien jaar cel. De jonge Almeerder schoot in november 2022 een stadsgenoot op straat in Almere dood na een ruzie.


Ruzie

Op 3 november 2022 kreeg de toen 18-jarige verdachte op straat ruzie met het latere slachtoffer, nadat deze hem naar eigen zeggen verbaal uitdaagde. Het slachtoffer gaf de jongen een klap in het gezicht, waarna de verdachte een omgebouwd semiautomatisch alarmpistool trok, deze doorlaadde en het naar beneden richtte. Een omstander vertelde hem het wapen weg te doen, waarna de verdachte het weer wegstak. Het slachtoffer ging daarna door met het verbaal uitdagen van de verdachte en gaf hem opnieuw een klap in het gezicht. Hierna trok de verdachte opnieuw zijn wapen en schoot het 25-jarige slachtoffer van ongeveer een meter afstand door zijn hoofd. Het slachtoffer overleed een dag later. De verdachte rende na het fatale incident weg en vluchtte die avond naar België. Zes dagen later werd de verdachte in Utrecht aangehouden.

Doodslag

De 19-jarige man bekende dat hij het slachtoffer om het leven heeft gebracht. De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat er sprake was van moord met voorbedachte rade en dus van een vooropgezet plan om het slachtoffer om het leven te brengen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de verdachte wél opzettelijk het slachtoffer van het leven beroofd en daarmee is de 19-jarige schuldig aan doodslag. Dit volgt uit de handelingen die hij heeft verricht: het eerste keer trekken en doorladen van het wapen, waarna hij het wapen weg heeft gedaan, om het na de tweede klap weer te trekken en in de richting van het hoofd van het slachtoffer te schieten terwijl deze op zeer korte afstand van hem stond. Ook wordt de verdachte veroordeeld voor verboden wapenbezit.

Tien jaar cel

Hoewel het slachtoffer zich tegenover de verdachte intimiderend opstelde en agressief gedroeg, staat de gewelddadige handeling van de verdachte in geen enkele verhouding tot het handelen van het slachtoffer. Voor de rechtbank vormt het gedrag van het slachtoffer dan ook geen reden voor strafvermindering. Bij het bepalen van de strafmaat acht de rechtbank het strafverzwarend dat de verdachte ná het dodelijke incident enkel zijn eigenbelang voorop heeft gesteld. Zo heeft hij niet de hulpdiensten ingelicht, heeft hij zich niet gemeld bij de politie en vluchtte hij naar België. Alles overwegende acht de rechtbank Midden-Nederland een gevangenisstraf voor de duur van tien jaar, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, passend.